Orkest van de Achttiende Eeuw
Het Orkest van de Achttiende Eeuw is een Nederlands symfonieorkest gespecialiseerd in het spelen van oude muziek.
Geen puurder geluid dan de menselijke stem, en geen vocaal ensemble waar de klank zo op een goudschaaltje gewogen wordt als een kamerkoor. Het Nederlands Kamerkoor kan erover meepraten, het staat als professioneel kamerkoor al decennia lang aan de top. De actieradius omvat het hele kamerkoorrepertoire, van middeleeuws tot hedendaags en van a cappella tot begeleid. Het koor is een zelfstandige organisatie, niet verbonden aan een opera of omroep. Naast de eigen concertseries in een aantal Nederlandse steden gaat het koor wel regelmatig samenwerkingsverbanden aan, met ensembles als het Koninklijk Concertgebouworkest, het Asko|Schönberg en het Orkest van de Achttiende Eeuw.
Oprichter Felix de Nobel stelde in 1937 een kamerkoor samen, bestaand uit een aantal jonge solisten. Na de Tweede Wereldoorlog formeerde hij het koor opnieuw. Binnen een paar jaar had hij een homogeen ensemble gesmeed waarvan de stemmen met elkaar kleurden en versmolten tot een echte kamerkoorklank. Uitnodigingen voor buitenlandse festivals en het Holland Festival volgden. De Nederlandse overheid legde een eerste bescheiden subsidie op tafel, vanaf 1965 gevolgd door een structurele subsidie. Artistieke hoogtepunten uit die jaren zijn de herhaalde tournees naar Noord-Amerika en de operaproducties in het Holland Festival onder leiding van Carlo Maria Giulini.
Toen Felix de Nobel in 1972 het chef-dirigentschap neerlegde, brak een periode van zoeken aan. Het koor was toe aan vernieuwing en bereikte die door op projectbasis te gaan werken met specialisten op verschillende gebieden. Dirigenten als Leonhardt, Harnoncourt, Christie en de inmiddels niet meer uit de programma’s weg te denken Vlaamse ere-gastdirigent Paul Van Nevel gaven het koor een nieuwe reputatie als vertolker van oude muziek. Dirigenten als Ed Spanjaard en Reinbert de Leeuw leidden het koor in baanbrekende uitvoeringen van moderne muziek.
In 1987 werd er weer een chef-dirigent aangesteld. De Duitser Uwe Gronostay gebruikte zijn specialisme, de laatromantiek, om de koorklank tot de perfectie bij te vijlen. Ook zijn opvolgers drukten hun stempel op de programmering: de Est Tõnu Kaljuste met sfeervolle koormuziek uit Oost- en Noord-Europa, Stephen Layton met prikkelende combinaties van Brits en Frans repertoire. Daarna volgde weer een periode zonder chef-dirigent.
De huidige veelzijdigheid van het Nederlands Kamerkoor blijkt niet alleen uit de programma’s van de eigen abonnementseries maar ook uit de vele samenwerkingsverbanden en premières van in opdracht gegeven werk. Tot de componisten die voor het koor geschreven hebben, behoren Sir John Tavener, Gija Kantsjeli, Harrison Birtwistle, Mauricio Kagel, Karin Rehnqvist en Edith Canat de Chizy, naast Nederlanders als Jan Vriend, Elmer Schönberger, Micha Hamel en Joost Kleppe. In veel stukken worden koorzangers solistisch ingezet, keer op keer een bewijs van de grote wendbaarheid van de individuele koorleden. Vaste gastdirigent Peter Dijkstra en koorleider Klaas Stok hebben een belangrijk aandeel in de voorbereiding en uitvoering van het veeleisende repertoire dat het koor tot het zijne maakt.
Het Nederlands Kamerkoor heeft zo’n vijfenzeventig cd’s uitgebracht, waarvan verschillende met een Edison of een Diapason d’Or zijn bekroond. Tournees brachten het ensemble de afgelopen seizoenen onder meer naar Frankrijk, de Verenigde Staten, Canada, Spanje en Polen. Met buitenissige programmaformules, zoals een semiscenische avond met gearrangeerde songs van Burt Bacharach of een psalmenprogramma in de synagoge van de Joodse Liberale Gemeente in Amsterdam, zet het koor zijn verjongingskuur voort. Daarover, én over het behoud van de zo eigen, kostbare kamerkoorcultuur waakt met ingang van het seizoen 2011-2012 ook weer een chef-dirigent: de jeugdige Est Risto Joost.
Het Orkest van de Achttiende Eeuw is een Nederlands symfonieorkest gespecialiseerd in het spelen van oude muziek.
De programma’s van Holland Baroque Society zijn uitgebalanceerd, fris en aantrekkelijk en ontsluiten vaak nieuwe werelden.
De Nederlandse Bachvereniging is het oudste ensemble voor oude muziek in Nederland, misschien wel in de wereld.
In de afgelopen 25 jaar heeft het Combattimento Consort een uitstekende nationale en internationale reputatie opgebouwd.
Met een rijkdom aan stemkleuren bereikt het kamerkoor Cappella Amsterdam zijn specifieke homogene klank.
Camerata Trajectina speelt voornamelijk muziek uit de Gouden Eeuw
Asko|Schönberg: een flexibele groep musici die alle muziek van de twintigste en eenentwintigste eeuw kan spelen.
Al twintig jaar is Amsterdam Sinfonietta het enige professionele strijkorkest in Nederland.